Onderwijsketen

Het onderwijsplan is een samenhangend overzicht waarin per opleiding de leertaken staan die samen een opleiding vormen. Hierin staan, onder andere, de doelen van de opleiding, de leerinhoud, toetsen, didactische principes en/of de wijze en het tijdstip waarop de opleiding aangeboden wordt. In het onderwijsplan staat ook in welke omgeving (mbo-school, zelfstudie of beroepspraktijk) het onderwijs plaatsvindt. Hierbij wordt rekening gehouden met de praktische haalbaarheid en de doelgroep. Beschrijving van het proces dat kan worden gevolgd: * Verzamel het onderwijsplan en de verbeterplannen van vorig jaar. * Verzamel actuele sector- en opleidingspecifieke documenten, zoals keuzedelen en het kwalificatiedossier. * Bekijk samen of er aanleiding is om het onderwijsplan van vorig jaar aan te vullen of bij te stellen. * Stel het onderwijsplan op of bij. * Leg het (bijgestelde) onderwijsplan voor aan een aantal interne en externe betrokkenen om de herkenbaarheid, organiseerbaarheid en haalbaarheid te toetsen. * Stel het onderwijsplan vast en archiveer dit. Nadat het onderwijsplan is opgesteld, stellen degenen die hiervoor bevoegd en verantwoordelijk zijn dit document vast. Nu ligt dit plan voor een bepaalde periode vast en wordt er door de teams gewerkt aan de implementatie en uitvoering ervan. (BusinessProcess) Opstellen onderwijsplan Voor het vastgestelde aanbod aan opleidingen bepalen school en team jaarlijks wat nodig is aan leermateriaal. Het team bepaalt jaarlijks -- mede op basis van de eigen verbeteragenda -- of er aanpassing en aanvulling of vernieuwing moet plaatsvinden. (BusinessProcess) Bepalen benodigde leermiddelen Voor het vastgestelde aanbod aan opleidingen bepalen de mbo-school en teams jaarlijks wat nodig is aan leermateriaal, onderwijsspecifieke faciliteiten (zoals simulatoren, bedden, kappersstoelen), generieke faciliteiten (zoals theorie- en praktijkruimtes), examenmateriaal en de benodigde BPV-plaatsen. De school en teams bepalen jaarlijks welke personele inzet nodig is. Het team kijkt of er aanpassing van de capaciteit, kennis en competenties in het team nodig is. Het team bepaalt jaarlijks, mede op basis van de eigen verbeteragenda, of er aanpassing en aanvulling of vernieuwing moet plaatsvinden. (BusinessProcess) Verwerven leermiddelen Dit inkoopproces van leermiddelen begint bij de vastgestelde behoefte aan leermateriaal. In eerste instantie wordt deze behoefte op hoofdlijnen in kaart gebracht, per onderwerp waarvoor leermateriaal nodig. Zo’n onderwerp kan bijvoorbeeld een bepaald kennisgebied, beroepstaak of werkproces zijn. Daarnaast zijn de eisen die door allerlei belanghebbenden aan het leermateriaal worden gesteld relevant. Zo stelt de wetgever eisen in de vorm van het kwalificatiedossier, maar ook vanuit het beleid van de instelling zelf, de ouders, werkgevers en student kunnen eisen zijn geformuleerd waar leermateriaal aan moet voldoen. Op basis van de in kaart gebrachte behoefte aan leermateriaal, en de eisen die daaraan door de verschillende belanghebbenden worden gesteld, wordt gezocht in allerlei bronnen naar relevant leermateriaal. Dit kan worden gezien als een soort marktverkenning, waarin een overzicht ontstaat van het relevante leermateriaal voor de betreffende opleiding(en) waarvoor wordt gezocht. In dit zoekproces wordt vaak al duidelijk op welke onderwerpen er geen, of onvoldoende, leermateriaal in de markt beschikbaar is dat aan de eisen van de instelling zou kunnen voldoen. Daarbij is het vaak nodig om met een uitgever en/of distributeur, of een individuele auteur contractuele afspraken te maken. Deze afspraken kunnen gaan over prijs en leveringsvoorwaarden, maar bijvoorbeeld ook over de wijze van bestellen, betalen en leveren, afspraken over serviceverlening etc. Voor digitaal leermateriaal zijn wellicht afspraken over licenties of koppelingen. Dit is allemaal onderdeel van het inkoopproces dat voorafgaat aan de daadwerkelijke aanschaf door individuele studenten of docenten. (BusinessProcess) Inkopen leermiddelen Wanneer geconstateerd wordt dat er voor een bepaald onderwerp (een kennisgebied, beroepstaak of werkproces) geen geschikt leermateriaal beschikbaar is, kan het initiatief worden genomen om geschikt leermateriaal te (laten) ontwikkelen. Dat kan door een eigen medewerker, maar ook door een externe partij. Wanneer het leermateriaal is ontwikkeld zal het door de ontwikkelaar beschikbaar worden gesteld. Dat betekent dat het vindbaar wordt gemaakt, indien van toepassing besteld en betaald kan worden, en op de leermiddelenlijst geplaatst kan worden. (BusinessProcess) Ontwikkelen leermiddelen In dit proces wordt vastgesteld, welk leermiddelen geschikt is voor welke opleidingsonderdelen. Uiteindelijk zal hierin een keuze moeten worden gemaakt, die leidt tot een concrete leermiddelenlijst per opleidingsonderdeel of onderwijsprogramma. In deze leermiddelenlijst zijn in principe alle leermiddelen opgenomen, zowel folio als digitaal lesmateriaal, maar ook andere materialen zoals vakkleding of gereedschap. (BusinessProcess) Opstellen leermiddelenlijst Een onderwijsinstelling definieert de opleidingen en cursussen die worden aangeboden aan de studenten in de vorm van onderwijsaanbod. Het onderwijsaanbod wordt ontwikkeld voor nieuwe opleidingen en cursussen, onderhouden en nader gespecificeerd. Zo ontstaat een eenduidig aanbod van opleidingen binnen de gehele onderwijsinstelling. Dit gebeurt in de onderwijscatalogus. Het zorgt ervoor dat alle omringende processen informatie kunnen putten uit de onderwijscatalogus om flexibel te kunnen inschrijven, het onderwijs voor te bereiden en de studenten te begeleiden. (BusinessProcess) Presenteren onderwijsaanbod Het inrichten en onderhouden van de onderwijscatalogus. De onderwijscatalogus bevat en beschrijft het onderwijsaanbod, zoals dat is samengesteld uit onderwijsprogramma's en opleidingsonderdelen. (BusinessProcess) Ontwikkelen en onderhouden onderwijs catalogus Een meerjarenplanning wordt opgesteld om inzicht te krijgen in de huidige en toekomstige faciliteiten en expertisebehoeften binnen een opleiding. Er wordt een match gemaakt tussen het onderwijsaanbod, de medewerkers en de faciliteiten. Dit wordt grofmazig uiteengezet over meerdere jaren. Deze planning is de basis voor het maken van leertaken die passen in de leerroutes van studenten. De meerjarenplanning wordt gebaseerd op een schatting van het onderwijs en studenten, de curricula- of onderwijsplannen, faciliteitengegevens en de medewerkersgegevens. De meerjarenplanning richt zich op het capaciteitsvraagstuk over het gehele curriculum van de studenten. Op deze manier biedt de meerjarenplanning handvatten voor het tijdig bijsturen van de instelling inzake het onderwijsaanbod, het faciliteitenaanbod en het personeelsbestand. (BusinessProcess) Maken meerjaren planning De leervraag van een student wordt tijdens dit proces uitgewerkt naar een persoonlijke leerroute. Deze leerroute is een aaneenschakeling van leertaken die de student gaat uitvoeren tijdens de opleiding aangevuld met de randvoorwaarden, volgorde, keuzes e.d. om het plannen (roosteren) mogelijk te maken. Voor het bepalen van de leerroute van de student in de BPV is de matching tussen het leerbedrijf en de student van belang, want de student moet de leertaken kunnen uitvoeren bij het leerbedrijf. Stappen in dit proces: * Opstellen leerroute: Op basis van de geformuleerde leervraag zoekt de begeleider de bijbehorende producten uit de onderwijscatalogus, waarbij rekening wordt gehouden met aanvullende eisen (volgorde, periode en voorwaarden). Wanneer er keuzemogelijkheden zijn, stelt de begeleider verschillende alternatieven op. * Vastleggen randvoorwaarden student per leertaak: Als een student randvoorwaarden aangegeven bij het formuleren van de leervraag dan worden deze meegegeven bij de persoonlijke leerroute. * Controleren op normen voor onderwijstijd: De leerroute van een individuele student moet worden gecontroleerd, of het past binnen de afgesproken normen voor onderwijstijd voor het betreffende jaar of periode van de opleiding. * Vastleggen persoonlijke leerroute. Afhandelen niet te arrangeren leervraag: Als op basis van de geformuleerde leervraag geen passende leeroute kan worden opgesteld, dan kan de begeleider opnieuw in gesprek gaan met de student om de leervraag aan te passen. (BusinessProcess) Persoonlijke leerroute specificeren Matching is het verbinden van een student aan een BPV-plaats. De student en/of de school zoeken naar een geschikt BPV-bedrijf. Bijvoorbeeld op www.stagemarkt.nl worden BPV-plaatsen aangeboden door BPV-bedrijven aan studenten. Wanneer er een geschikte BPV-plaats is gevonden, voert de student vaak een sollicitatiegesprek met het BPV-bedrijf. De student, het BPV-bedrijf en de BPV-docent bepalen gezamenlijk of er sprake is van een match. De school: - Bereidt de student praktijkgericht voor op de BPV. - Ondersteunt de student bij het zoeken naar een BPV-plaats die past bij de leervragen. - Zorgt voor een goede match tussen student en BPV-bedrijf. - Zorgt voor bedrijfsoriëntatie en presentatie‑ en sollicitatievaardigheden. - Zorgt voor de start van de BPV-periode voor heldere voorlichting over verantwoordelijkheden en verplichtingen van het BPV-bedrijf, de student en de school. (BusinessProcess) Matchen BPV Op basis van eerder behaalde onderdelen van de opleiding of eerder opgedane werkervaring kan de student vrijstellingen aanvragen bij de examencommissie. Vaak worden eventuele vrijstellingen besproken tijdens de intake. De vrijstellingen kunnen door de examencommissie verleend worden op beroepsgerichte en generieke examenonderdelen. De verleende vrijstellingen worden opgenomen in het examendossier van de student. Een student hoeft dan geen examen te doen. In het geval van vrijstelling op basis van eerder opgedane werkervaring spreken we van Erkennen van Verworven Competenties (EVC). Naast vrijstelling voor examens kan de student vrijstellingen aanvragen voor onderwijs. Deze vrijstelling wordt niet door de examencommissie, maar door het onderwijsteam verleend. (BusinessProcess) Registreren vrijstellingen Het clusteren van leertaken is het samen nemen van verschillende leertaken die in een periode gelijktijdig/naast elkaar uitgevoerd zullen worden. Dit is nodig om het onderwijs te kunnen organiseren en zowel medewerkers als voorzieningen efficiënt te kunnen inzetten. Deze processtap is een belangrijke schakel in de overgang van meerjarenplanning naar jaarplanning en concrete roosters. Per opleiding vormen alle leertaken samen het onderwijsaanbod van die opleiding, over meerdere perioden en jaren heen. Er hoort een meerjarenplanning bij. Leerroutes van studenten bestaan uit het uitvoeren van geselecteerde leertaken, soms parallel en soms opvolgend, ook over een langere periode. De meerjarenplanning en de gekozen leerroutes van de studenten samen vormen nog geen geordend geheel dat in de vorm van roosters en planningen kan worden gegoten. De leertaken worden geclusterd in periodes waardoor er een geordend geheel ontstaat. De clustering van leertaken heeft invloed op de jaarplanning en de analyse van de werkverdeling. (BusinessProcess) Clusteren leertaken Het publiceren van het rooster voor studenten en docenten. Dit gebeurt periodiek en na wijzigingen. (BusinessProcess) Publiceren rooster Gedurende de opleiding voert de student diverse leertaken uit. Deze leertaken worden door docenten en/of praktijkbegeleiders begeleid. Alle leertaken samen vormen de totale opleiding van de student. Naast beroepsgerichte leertaken betreft het ook taken gericht op taal, rekenen, keuzedelen etc.. Tijdens de BPV draait de student mee in de dagelijkse gang van zaken in het BPV-bedrijf. Binnen dat proces voert de student werkzaamheden uit en werkt aan beroepscompetenties. Ook voert de student BPV-opdrachten uit waarmee (delen van) kerntaken en werkprocessen geoefend worden. (BusinessProcess) Uitvoeren leertaken Tijdens de opleiding wordt de student begeleid. Deze begeleiding vindt plaats tijdens alle onderwijsonderdelen die de student volgt op school en in de praktijk (BPV). De student heeft gedurende de opleiding te maken met verschillende begeleiders op school (docenten) en in de praktijk (praktijkopleiders). De student wordt begeleid bij het maken van loopbaankeuzes, keuzes voor keuzedelen, bpv en de uitvoering van leertaken. De begeleiding van de afzonderlijke begeleiders draagt bij aan de monitoring van de voortgang. Deze monitoring wordt uitgevoerd door de studieloopbaanbegeleider van de student. (BusinessProcess) Begeleiden student Gedurende de opleiding van de student wordt bij alle onderwijsactiviteiten de aanwezigheid van de student geregistreerd. In geval van begeleide onderwijstijd (BOT) wordt deze aanwezigheidsregistratie door de docent uitgevoerd. In de BPV is de student zelf verantwoordelijk voor het bijhouden van zijn urenstaat. Onderwijsactiviteiten kunnen verschillende vormen aannemen, bijvoorbeeld: lessen vanuit het rooster, een begeleidingsmoment met een onderwijsbegeleider, BPV, praktijkopdracht (buiten de school), workshops of activiteiten waarop kan worden ingeschreven, etc. Het gaat niet om zelfstudietijd en huiswerk. De aanwezigheid van deelnemers kan van te voren ‘onbekend’ of ‘verwacht’ zijn. De docent of de deelnemer kan de werkelijke aan- of afwezigheid registreren. Er wordt aangegeven of er aanwezigheid of afwezigheid wordt geregistreerd en er is ruimte voor een aantal bijzonderheden. (BusinessProcess) Vastleggen aan- en afwezigheid Ondersteunen student omvat in aanvulling op de reguliere begeleiding het signaleren van problemen, interveniëren en zorg verlenen. Probeem signaleren Als de student definitief geplaatst is en er geen of beperkte additionele begeleiding nodig blijkt te zijn, ligt het verlenen van eventuele ondersteuning alleen bij de studieloopbaanbegeleider. Als de studieloopbaanbegeleider echter een probleem signaleert dan wordt de trajectbegeleider erbij betrokken. Vanaf dit moment verlenen zowel de studieloopbaanbegeleider als de trajectbegeleider de benodigde ondersteuning aan de student. Interveniëren De trajectbegeleider verleent de ondersteuning op het moment dat er intensievere additionele begeleiding nodig blijkt te zijn. De studieloopbaanbegeleider blijft betrokken bij het begeleidingsproces van de student. Zorg verlenen De zorgverlening kan bestaan uit interne begeleiding en/of externe begeleiding. De trajectbegeleider en de aangewezen begeleider of instantie verlenen de ondersteuning. De studieloopbaanbegeleider blijft betrokken bij het begeleidingsproces van de student. (BusinessProcess) Ondersteunen student Studenten kunnen bij de aanmelding of gedurende het intake-proces aangeven welke ondersteuningsbehoefte zij hebben. Dit kan gaan om ondersteuning in de vorm van begeleiding door medewerkers van de instelling, experts van buiten de instelling (bijvoorbeeld een doventolk) of fysieke aanpassingen in het gebouw/lokaal. Ook kan het gaan om ondersteuning die nodig is voor het uitvoeren van bpv. De zorgbehoefte van de student wordt bij voorkeur voor aanvang van de opleiding vastgelegd en opgenomen bij de onderwijsovereenkomst (OOK). (BusinessProcess) Vastleggen zorgbehoefte Op basis van het gevolgde onderwijs worden de leerresultaten verzameld en geregistreerd die relevant zijn om inzicht te krijgen in de voortgang en ontwikkeling van de student. Het gaat hier om formatieve toetsen of evaluatie, bijvoorbeeld een portfolio, opdracht of kennistoets. De registratie van leerresultaten biedt studenten en docenten/begeleiders inzicht in hoe de student staat ten opzichte van het afgesproken leerroute. Formatief toetsen en evalueren heeft als doel studenten inzicht te geven in hun eigen leerproces, hun motivatie te bevorderen en meer onderwijs op maat te realiseren. (BusinessProcess) Verzamelen leerresultaten De leerresultaten geven uiteindelijk een inschatting van de slagingskans en kunnen gebruikt worden om te besluiten of de student klaar is voor deelname aan een examen(onderdeel). Deze formatieve leerresultaten hebben geen ‘status’ in de feitelijke examinering en zijn niet het soort bewijzen dat vereist is voor diplomering. De leerresultaten leiden tot een beslissing over deelname aan een examenonderdeel, dit proces kan gedurende de opleiding meermaals plaatsvinden. Dit wordt ook wel de 'Peilstok formatieve resultaten' genoemd. (BusinessProcess) Analyseren leerresultaten Wanneer de student één of meerdere leertaken heeft afgerond wordt besloten of de student dit met het bijbehorend examen kan afsluiten. In dit proces wordt op basis van de leerresultaten besloten of de student toe is aan het examen. Bij positief besluit wordt de examenaanvraag gedaan. Belangrijk uitgangspunt is dat studenten voldoende voorbereid en geëquipeerd aan een examen beginnen. Dit verhoogt de slagingskans. Ook sluit dit aan bij de heersende opvatting dat examinering de bevestiging is van al ontwikkelde vaardigheden, houding en kennis. (BusinessProcess) Beslissen over examen aanvraag Tijdens de opleiding wordt de voortgang van de student door alle betrokken docenten in beeld gebracht. Iedere student heeft een studieloopbaanbegeleider. Deze begeleidt de student bij de leerprocessen en ontwikkeling en monitort de studievoortgang. De studieloopbaanbegeleider van de student is betrokken bij het verstrekken van het bindend studie advies en het aanvragen van eventuele vrijstellingen. Voor de student is de studieloopbaanbegeleider het eerste aanspreekpunt waar het gaat om voortgang (of stagnatie) in de ontwikkeling in de loopbaan. (BusinessProcess) Monitoren voortgang leerroute Sinds 2018 is het bindend studieadvies (BSA) wettelijk verplicht voor alle mbo-opleidingen. De afspraken die met de student over het BSA zijn gemaakt zijn vastgelegd in de onderwijsovereenkomst die met elke student wordt gesloten. Een BSA heeft betrekking op de studievoortgang van de student en de voorzetting van zijn/haar opleiding. Onder studievoortgang worden de studieresultaten, beroeps- en werkhouding en BPV-voortgang verstaan. Bij éénjarige opleidingen (entree-opleiding en specialistenopleiding) dient het BSA binnen vier kalendermaanden na aanvang van de opleiding te worden gegeven, maar niet eerder dan drie maanden na aanvang. Bij meerjarige opleidingen dient het BSA na ten minste negen kalendermaanden en uiterlijk aan het eind van het eerste studiejaar van de opleiding te zijn gegeven. In geval van een (mogelijk) negatief BSA dient de student altijd een schriftelijke waarschuwing te hebben ontvangen. (BusinessProcess) Verstrekken bindendstudieadvies TriggeringRelationship TriggeringRelationship TriggeringRelationship TriggeringRelationship TriggeringRelationship TriggeringRelationship TriggeringRelationship TriggeringRelationship TriggeringRelationship TriggeringRelationship TriggeringRelationship TriggeringRelationship TriggeringRelationship TriggeringRelationship TriggeringRelationship TriggeringRelationship TriggeringRelationship TriggeringRelationship TriggeringRelationship TriggeringRelationship TriggeringRelationship TriggeringRelationship TriggeringRelationship Deze svg is op 25-11-2022 13:42:17 CET gegenereerd door ArchiMedes™ © 2016-2022 ArchiXL. ArchiMedes 25-11-2022 13:42:17 CET




   
   
   
   
   
   
   

   
   
   
   
   
   
   
   
   

   
   

   

Klik hier om het diagram te downloaden.

Speciaal voor onderwijsteams zijn er aparte views ontwikkeld die de procesketens weergeven vanuit het perspectief van het onderwijs. Dit is alleen een andere weergave van de procesketens; inhoudelijk zijn het dezelfde processen en dezelfde relaties.

Deze views zijn oorspronkelijk gebaseerd op de zogenaamde Teamplaat Onderwijskwaliteit (TPO). Inmiddels zijn de TPO en de MORA in overeenstemming met elkaar gebracht. De views zijn hier ondergebracht in de MORA; aanvullende informatie en ondersteuning voor onderwijsteams is beschikbaar op site voor Onderwijskwaliteit MBO van het Kennispunt Onderwijs en Examinering van de MBO Raad.

De volgende views voor Onderwijsteams zijn beschikbaar.