TripleA:Scenario Groen
In dit scenario is het onderwijs georganiseerd op het niveau van een opleiding, branche of gebouw. Het onderwijsaanbod wordt gericht op vragen uit de markt en vragen van deelnemers (dat wil zeggen: als er voldoende deelnemers naar een specifiek(e) onderwijsproduct/opleiding vragen). Er wordt niet uitgegaan van een individuele leervraag die moet worden beantwoord, maar door middel van het opbossen (groeperen) van leervragen en een goede prognose wordt er voor de meerderheid van de deelnemers een passend aanbod opgesteld waarbinnen nog een beperkte individuele keuzevrijheid mogelijk is.
De strategie van Groen gaat uit van een extern gerichte organisatie die maatwerk levert op basis van vragen uit het beroepenveld, de maatschappij en vragen van toekomstige deelnemers.
De strategie van Groen is dan ook een vraaggerichte. De vraag van het beroepenveld, de maatschappij en groepen deelnemers worden in kaart gebracht door middel van een prognose. De prognose van die behoefte wordt binnen de onderwijsinstelling vertaald naar aanbod dat “klaargezet” (in logistieke termen) wordt. In het groene scenario worden de vragen (en het aanbod) in groepen verdeeld. Een groep deelnemers met overeenkomstige kenmerken (vaak eenzelfde leervraag) is de eenheid waar het in de strategie van Groen om draait.
Bij de aanmelding/ intake worden de wensen van de deelnemer naast het al opgestelde aanbod gelegd en wordt bekeken of deze binnen het huidige aanbod te honoreren zijn. Een andere mogelijkheid is dat er voldoende studenten met gelijke wensen zijn, zodat er een nieuwe groep van gemaakt kan worden; dit wordt het groeperen of opbossen van leervragen genoemd. In dit scenario wordt er gewerkt met zogenaamde vrije ruimte voor deelnemers. Dat betekent dat een beperkt deel van het rooster door de deelnemer zelf ingevuld kan worden. In deze tijd kan tegemoet worden gekomen aan wensen van de individuele deelnemer (mits deze in het aanbod aanwezig zijn).
Er bestaat een regelmechanisme om cyclisch naar de markt te kijken (beroepenveld en deelnemers). Daarop wordt de prognose gebaseerd. Er wordt variëteit aangeboden wanneer de markt of groepen deelnemers daar om vragen. De strategie van Groen heeft kenmerken van product leadership.
Van belang is dat wordt uitgedragen dat deze onderwijsinstelling de plaats is waar het beste onderwijs wordt aangeboden en geleverd. Groen treedt dus met het product naar buiten: “wij maken mooi onderwijs om zo veel mogelijk klanten voor onze producten te krijgen”. Door de extern gerichte cultuur zijn “klanten”: groepen deelnemers, bedrijven en andere onderwijsinstellingen.
Besluiten worden in overeenstemming genomen. En eenmaal genomen besluiten worden uitgedragen. Er wordt goed naar klanten geluisterd (omdat dit van belang is voor de prognose, die het aanbod stuurt). Er wordt naar gestreefd het aanbod zo goed mogelijk neer te zetten om steeds meer deelnemers (of andere klanten) te werven. De cultuur is zowel naar binnen als naar buiten gericht, met als belangrijkste drijfveer dat het een klantgerichte cultuur betreft. Dat betekent dat netwerken in de groene cultuur van groot belang is